In de Europese wijk zijn de straten geplaveid met hoopvolle hartschilfers. Na de uren daten expats van over de hele wereld er namelijk op los. Wij wierpen een blik in hun bonzende hartenkamers en zagen dat liefde voor expats allesbehalve appeltje-eitje is. Artikel van Melissa Janssens voor De Morgen Magazine.

Het is donderdagavond en we zijn op de Place du Luxembourg. De cafeetjes op het plein zijn volgeladen met expats en dat is geen toeval. Gin-tonics sprankelen, blikken kruisen en nummers worden uitgewisseld. De apero-avond op donderdag is het walhalla voor expats op zoek naar bloesemende liefde, zij het voor één nacht. Ik klap Tinder open, alsook Liana – een datingapp voor expats. En ja hoor, in het hart van de Europese wijk staan de apps in bloei. In Brussel wonen en werken naar schatting meer dan 100.000 expats, die naar onze hoofdstad verhuisden voor een job bij onder meer de ambassades, het Europese Parlement en de NAVO. De expatwereld vormt een mozaïek aan culturen, die datend als tinten olieverf met elkaar mêleren. Uit een recent onderzoek van InterNations, een wereldwijd netwerk voor expats, blijkt dat de helft van de expats in België single is. De gemiddelde leeftijd ligt rond 39 jaar. Italianen spannen de kroon in de expatbevolking in ons land, gevolgd door de Britten en de Duitsers. Op Place Lux ontmoet ik Mihail (37), een Roemeen met een afgetraind lijf en – toch wel – pitbullgezicht, op zoek naar de liefde. De man werkt voor een internationaal beveiligingsbedrijf. Hij kreeg een jaar geleden zijn overplaatsing uit Parijs. Hij biedt me een drankje aan. “Ik merk een zekere terughoudendheid bij vrouwen”, steekt hij van wal. “Ik wéét dat ik er ‘gevaarlijk’ uitzie. Mijn gezichtstype zie je vaak op opsporingsberichten. En dat schrikt vrouwen af.” Over vooroordelen weet jobhopper Darinka (30) uit Californië alles. In het anderhalf jaar dat de brunette hier toeft, ging ze met acht vrouwen op date. “Ik ben oldschool als het op afspraakjes aankomt. Ik ga naar de kroeg om vrouwen te ontmoeten. Liefst date ik met expats. Zij begrijpen mijn nomadenbestaan. Vorige maand ontmoette ik een vrouw met wie ik een sterke connectie voel, maar zij blijft voor haar job nog jaren in België. Ik vertrek binnen een week, maar ik kom zo snel mogelijk terug. Want in tegenstelling tot andere steden, hoef ik in Brussel geen ondergrondse bars te bezoeken of in het geheim te daten. Hier kunnen wij gewoon op straat hand in hand lopen. Heerlijk is dat.” Ruben (49) is een Belg die werkt bij de ambassade en al in acht verschillende landen woonde. Hij is pas terug in Brussel. “Wat mij opvalt, is dat Belgische vrouwen een afspraakje zien als het begin van ‘iets’. Terwijl de datingcultuur in Noord-Amerika meer casual is.” In Brussel kan er al eens een jongere man een date proberen af te snoepen. “Tja, het leven is een jungle. Moge de beste winnen.” “In elke stad kom je natuurlijk ook gold diggers tegen”, weet de Belg. “Meestal zijn het Oost-Europese en Afrikaanse vrouwen die rond de big spenders hangen en uit zijn op gratis drank, etentjes en snoepreisjes.” In een datingvijver kom je ook weleens een kwal tegen. Zo bots ik op een Nederlander van eind de twintig. Zijn foeilelijke hemd is een pijniging voor het oog. “Ik ben erg traditioneel in de liefde. Ik wil de eerste stap zetten. Vrouwen die op mannen afstappen vind ik wanhopig. En wat ook is: Belgische meisjes zijn minder knap dan Nederlandse. Ze zien er vaak niet uit, ontberen stijl. Kijk maar naar hun schoenen. Ik wil meer stiletto’s zien.” Buiten het gebrek aan kwaliteitsvlees, hoor ik ook de klassieke verzuchtingen over het weer, de vuile straten en de kafkaiaanse bureaucratie. De avond afsluiten doe ik met de glimlach van Arn (33) uit Denemarken. Hij werkt op de ambassade. “Liefde ligt hier voor het rapen”, stelt de Deen. “Ik ontmoette mijn Finse vriendin op dertig meter van waar we nu staan, in een cafeetje verderop. We zijn vijf jaar samen. Ook zij is voor haar job vaak maandenlang weg, maar dat went. We zien elkaar graag. “Vroeger trok ik naar Place Lux als ik mij verveelde. Dan ging ik elke keer met een andere vrouw naar huis. Weet je, iedereen zit hier in hetzelfde schuitje: zonder vrienden en familie. Brussel is het epicentrum van vriendelijke, open-minded mensen.”

Lapje vrouwenvlees
Wie Place Lux of Tinder te opzichtig vindt, kan kiezen voor de discrete aanpak van een datingbureau. Matchmakers Geneviève Heintz en Annemieke Dubois van Berkeley International spelen regelmatig cupido voor expats op zoek naar een serieuze relatie. Heintz: “De vrijgezelle expats die bij ons aankloppen, geloven één voor één in liefde met de grote L. Ze willen geen partner vinden op de werkvloer en de typische ontmoetingsplekken trekken hen niet aan, want daar komen ze altijd dezelfde mensen tegen.” Eén van de Berkeley-mannen is Adão (40), een Portugees die acht jaar bij de Europese Unie werkt. “Het uitgaansleven is erg levendig. Als je wilt, ontmoet je continu nieuwe mensen. Maar dankzij Berkeley kan ik zorgelozer daten. Ik wil een serieuze relatie en mijn droomvrouw bezit liefst een gelijklopende visie op liefde, huwelijk, seks en ga zo maar door. Doordat mijn dates gefilterd worden op mijn voorkeuren, vergroot de kans om de ware te ontmoeten.” Ook de kosmopolitische Jade (38) waagt haar kansen bij Berkeley. De Zuid-Afrikaanse schone leidt al enkele jaren een internationaal transportbedrijf in Brussel. Jade kreeg zo’n zes ontmoetingen voorgesteld, tot nog toe zonder succes. “Ik vrees dat ik niet traditioneel genoeg ben voor Belgische mannen”, glimlacht ze. “Dat ik op veel plaatsen in het buitenland heb gewoond werkt intimiderend. Jammer, want Belgische mannen hebben zo’n geweldig gevoel voor humor. Ik geniet van de Berkeley-wijze van daten. In het verleden voelde ik mij op de datingmarkt als een lap vlees, dat is nu allesbehalve zo. De matchmakers willen mij doorgronden en zo de goede match uitkiezen. Door de dates weet ik nu beter wat ik verwacht van een man.” “Er gaat veel eenzaamheid schuil achter het vrijgezelle expatbestaan”, weet Dubois. “Brussel is een individualistische stad en expats missen hun familie en vrienden. Ze doen hun best om te integreren, maar vaak komen ze van een kale reis terug.” “Als je met je gezin verhuist, voelt de stad warmer aan”, voegt Heintz toe. “Singles voelen zich ontworteld en botsen vaak op een gesloten mentaliteit. Dus vluchten zij in hun werk, zodat ze de eenzaamheid minder voelen.”

Emotionele cowboys
Waarom expats naar hartenlust daten in onze hoofdstad, vroegen we aan relatiedeskundige Rika Ponnet. “Los van de werksfeer een sociaal leven uitbouwen is moeilijker dan het klinkt. Daten is nu eenmaal de best georganiseerde manier om mensen te ontmoeten. Het is één op één-contact, waardoor het dieper gaat dan de oppervlakkige praatjes op recepties. Statistisch gezien hebben interculturele relaties 15 procent slaagkans”, vertelt Ponnet. “Nogal wat expats zijn emotionele cowboys. Ze vinden het heerlijk om altijd onderweg te zijn en relaties zijn goed voor even. Ze zijn als de dood voor sleur en voelen de angst om vast te zitten. Liefde is ondergeschikt aan hun hang naar vrijheid en avontuur.” Frederico (38) is zo’n expatcowboy. De Italiaan werkt meer dan vijftien jaar voor de Europese Commissie. “Ik hou van het expatleven. Toen ik hier toekwam, was ik pas twintig. Elke avond schuimde ik het ene feestje na het andere af. Met als constante de dronken Ierse meisjes die met je naar huis willen. Hoe eenzamer je je voelt, hoe meer je een warm vrouwenlijf tegen je aan wilt voelen.” “Als twentysomething-expat leefde ik voortdurend met een vakantiegevoel. Want ook overdag was het feest. Bij de lunch dronken we cocktails, vanaf vijf uur begonnen we te aperitieven. Het werk was gewoon een wijze om de tijd te doden. Eerlijk, toen leefde ik in een roes. Ik liep over van de energie dankzij nieuwe ontmoetingen, ervaringen en ontdekkingen. Dat werkte als een drug. Ik staar mij ook niet blind op het vinden van de liefde. Mij besluipt steeds het gevoel dat er meer valt te ontdekken, veroveren, zien, enzovoort.”

De stekker eruit
Alle cowboys ten spijt zijn er ook expats met een gelukkige relatie. Ik ben op de koffie bij Louise (24) en Ihsan (32). Zij is Vlaams, hij Turks. Al vier jaar is Brussel zijn thuisbasis, na Ierland, Italië en Azerbeidzjan. “Een Vlaams lief geeft me de kans om mezelf onder te dompelen in een Belgisch badje”, meent de expat. “Ik leer meer Belgen kennen, proef het eten, de cultuur, taal… We namen de tijd om elkaar goed te leren kennen en nu loopt alles op rolletjes.” Louise: “Voor mij voelt een expat daten niet erg exotisch. Mijn laatste vriendjes woonden in Parijs en Engeland. Al word ik wel aangesproken op Ihsans afkomst. En dat hij praktiserend moslim is. Ik ben er zelfs vrienden door verloren. Maar zijn geloof bracht structuur in mijn leven. Onze waarden en normen zijn dezelfde, we groeiden allebei op in een conservatief gezin. Allebei doen we water bij de wijn, net zoals in elke relatie.” “De laatste jaren heb ik heel wat rondgereisd”, gaat Ihsan verder. “Vroeger trok ik bij mijn vertrek telkens de stekker uit mijn relaties. Maar als ik voor mijn werk moet verhuizen, dan komt Louise mee. Ik zou voor haar blijven en zij zou voor mij vertrekken. Ze is uitzonderlijk.” Ponnet ziet ook de schaduwzijdes aan verhuizen voor de liefde. “Door jezelf los te trekken uit je vertrouwde leven, betaal je een enorme prijs voor de liefde. In een relatie willen we het gevoel krijgen dat we beiden evenveel investeren. Als de ene zo’n grote toegeving doet, staat de rekening aan het begin van de relatie uit. De ander kan dat nooit terug in balans brengen. Bovendien heb je enkel elkaar om je behoeften in te vullen. Dat kan loodzwaar wegen, want op familie of vrienden terugvallen is gezond voor je relatie. Verhuizen voor de liefde is een serieuze stap en zeker voor Vlamingen. Velen vinden een verhuis van West-Vlaanderen naar Antwerpen al onoverkomelijk.”

Expatbubbel
Carlos (35) en Agnieszka (32) vormen al twee jaar een expatstel. Hij is van Mexico, zij van Polen. Meer dan drie jaar geleden kwamen ze voor hun job in Brussel terecht, na tussenstops in Zweden, Canada, Engeland en Frankrijk. Ze ontmoetten elkaar op een netwerkfeestje. “Carlos en ik werden beste vrienden en dat groeide uit tot liefde. Al na één maand gingen we samenwonen, omdat het contract van zijn appartement afliep. Dat legt wel druk op een relatie. Als je in je eigen land aan het daten bent, pak je alles rustiger aan.” “In Mexico moet je zelfs trouwen, alvorens je bij elkaar intrekt”, pikt Carlos in. “Maar onze culturen matchen goed. En als een van ons een jobaanbieding in het buitenland krijgt, dan overleggen we. Ver weg verhuizen doen we alleen met twee. Alleen blijft het jammer dat we elkaars taal niet spreken. Wij praten Engels, maar als ik Agnieszka vergezel naar Polen voor een familiefeest, is dat de hel. Niemand spreekt Engels en ik begrijp er helemaal niks van. Dan zit ik de hele tijd met m’n vingers te draaien.” De overgrote meerderheid van de expats, zo’n 75 procent om precies te zijn, spreekt over een ‘expatbubbel’. Dat betekent dat zij vooral optrekken met landgenoten. Dat blijkt uit een rondvraag van het verbindingsbureau Brussel-Europa. In 2013 legden zij hun oor te luister bij 9000 EU-expats tussen de 23 en 35 jaar. Voorts blijkt dat 46 procent valt voor een partner van dezelfde nationaliteit. 13 procent vindt liefde in de armen van een Belg. Of dit koppel veel Belgen kent? “Amper! Velen willen hun tijd niet verkwisten aan expats, anders wordt hun vriendenkring om de drie à vier jaar gerefresht. En contact houden op sociale media is niet hetzelfde. Dat verwatert.” Ponnet: “Die refreshknop lijkt me vooral bepalend voor relaties. Als je honkvast bent en je hart verpandt aan een expat bij wie de liefde voor het reizen door de aderen stroomt, dan weet je dat de weg bijzonder hobbelig wordt. Dat landgenoten naar elkaar trekken, is logisch. Ze vinden elkaar in de gedeelde ervaringen, gevoelens en achtergrond. Ook: taal is o zo belangrijk. Als geliefden niet elkaars moedertaal spreken is er een gevoelsmatige barrière. Humor vertaalt zich vaak niet. Als je lief Eddy Wally niet kent, kun je er ook geen grap over maken. Je hebt de context nodig. Anders valt de voedingsbodem van je relatie wel erg mager uit. De slaagkans stijgt aanzienlijk als je elkaars taal leert.” Alle namen zijn om privacyredenen gefingeerd.